pas du pain

biet en linzen

Dom toeval = Geplande vertrekdatum naar Bourgondische vakantie: de dag nadat de dames van de kleding je een loeistrak kostuum hebben aangemeten.
In de agenda: draaidag binnen 24 uur na terugkomst uit genoemde Bourgogne.

Domme, domme, dikke pech = 8 dagen nee zeggen tegen pain au raisins, pains au chocolat en legio andere pains om vervolgens draaidag in kwestie letterlijk in het water te zien vallen. Geplande tuinscène niet opgewassen tegen vanwege klimaatverandering ontstane orkaan  in Amsterdamse binnenstad midden augustus. (Red de wereld!)

Stond ik daar, croissantweigeraar voor niets, ingesnoerd, drooggetraind, afgeknepen door corrigerend ondergoed, het heel zielig te vinden voor de productiemensen, de tientallen figuranten. Voor mezelf, toen ik hoorde dat de herkansing een volle maand later plaats zou vinden. ‘Tuurlijk joh, ik ga nog wel een maand op dieet’ huil-lachte ik, terwijl visioenen van bladerdeeg voor m’n ogen dansten.

Morgen,  morgen is het zover.
Morgenavond eet ik carbonara.

Ik moet nu van Matt opbiechten dat ik helemaal niet zo zielig was, in die Bourgogne. Dat ik er zelf voor gekozen heb om de boulanger te mijden zodat ik me vervolgens elke dag vanaf 16 u ’s middags aan de Givry en de Mercurey en de Saint-Véran kon laven.
Nou ja okee hoor…

Ik at wel bijvoorbeeld dit.

Linzen met alle kleuren biet, feta en sinaasappel; recept voor jezelf en wie maar mee wil doen.

200 gram linzen die niet stuk koken, bijvoorbeeld Puy AOC, of van Ekoplaza Linzen Dupuis (hahaha)

2 sjalotten, gesnipperd

1 of 2 tenen knoflook, gehakt

olijfolie om in te bakken

½ bouillonblokje

paar takjes tijm

3 leuke, flinke bieten, indien mogelijk geel, roze, wit. Ik moet hier even een lans breken voor de groenteboer op de hoofdstedelijke hoek Da Costakade/Kinkerstraat. Zó goed.

stuk feta, in blokjes

1 sinaasappel

simpele vinaigrette in een kom

Verwarm de oven op 200 graden. Schil de bieten en snij in stukken, meng in een kleine ovenschaal met een lepel niet-bijzondere olijfolie. Zout en peper erover, eventueel nog een platgemepte teen knoflook of twee erbij, en een half uurtje roosteren. Kook water. Fruit in een steelpan op laag vuur de sjalot in een eetlepel olie, een paar minuten, voeg gehakte knoflook toe en tijm. Spoel in een zeef de linzen. Doe ze in de steelpan met het verkruimelde bouillonblokje en anderhalve mok kokend water. Voorzichtig! Kook op laag vuur in ongeveer 20 minuten gaar. Schil de sinaasappel dik boven de kom met vinagrette en snij ook de parten eruit, hak die grof en zet opzij. Roer het sap door de vinaigrette. Check je linzen. Als ze gaar zijn en het vocht is nog niet helemaal opgekookt, giet dan af.

Laat linzen en bieten afkoelen. Meng met de feta, de sinaasappel, en de vinaigrette. Het is geen BLT. Maar prima te doen.

Moving On

radicchiosalade

Mijn zwager is een rolling stone. Niet een lid van de band, want dan, tja ik weet niet wat dan, maar een charismatisch figuur die om de zoveel jaar zijn spullen pakt en verder gaat.  In die paar jaar heeft hij dan de halve stad verliefd op hem doen worden (al dan niet platonisch, ja dat kan hij), een nachtclub van niks naar groot succes gemanaged, en weer wat vrienden verloren aan woekerende voortplanting.  Na Peking, Londen, en tijdelijk terug in Amsterdam zal hij ons straks weer gedag zeggen, and go where the wind will take him. Or the airplane.

Maar eerst was er nog het feestje! Iedereen had oppas, behalve zij die het niet hadden, een knappe homo probeerde mijn man te versieren – wat ik uitermate complimenteus vond, en op een muur van de club was mijn zwager levensgroot vereeuwigd. Wij schreeuwden wat tegen elkaar onder het genot van pleurisdure biertjes, er werd ge-twerked door hiphoppers (maar dat zeg ik vast verkeerd), en nadat we het tot vier uur ’s ochtends volgehouden hadden gingen we trots naar huis.

De volgende avond, toen de kindjes bij Oma waren opgehaald, wilde ik per se frites eten bij een La Place wegrestaurant. Sinds dat ding daar staat tussen snelweg en weiland heeft het een magnetische werking op me gehad, maar nooit kreeg ik iemand (Matt) zo gek om de afslag te nemen. Ik ben blij dat de illusie verholpen is; het was vies en vet, de saté lieten ze aanbranden waar ik bij stond en ik hoef er nooit meer heen. Vandaag ga ik het goed maken met een salade.

Recept voor salade van radicchio en bloedsinaasappel met pecorino.

1 krop radicchio

2 kleine bloedsinaasappels

stukje pecorino

3 eetlepels zwarte bonen, uitgelekt uit blik of zelfgekookt

plukje verse dille of peterselie

2 theelepels milde grove mosterd

olijfolie, zout en peper

Scheur, was en droog de bladeren van de radicchio. Schil de sinaasappels vrij dik boven een kom en vang het sap op. Snijd in plakjes en hussel door de radicchio met de bonen en het verse kruid. Meng voor de dressing het sinaasappelsap met twee eetlepels olijfolie, de mosterd, en zout en peper naar smaak. Lepel over de salade, en maak af met geraspte of geschaafde pecorino.

Eitje

spicy gevulde eieren

Nummer 3 van 4 gastblogs voor Jamie Magazine

Vorige week dus American Hustle gezien. Een film precies in mijn straatje. Een jaren zeventig garderobe (van Amy Adams) waar ik stikjaloers op ben (alleen mee weg te komen met een decolleté als dat van Amy Adams), de ijle spacedisco van Donna Summer’s I Feel Love, en jawel, ook het liedje met mijn naam kwam nog voorbij. Dat ene liedje waar tachtig procent van de mensen die ik voor het eerst ontmoet spontaan in uitbarst, en ik dan een beetje ongemakkelijk van word. Dat gevoel kennen de Sofietjes, de Angies, de Roxannes, en uiteraard alle Billie Jeans van de wereld ongetwijfeld ook.

Als kind van genoemd decennium wakkert zo’n film bij mij warme nostalgie aan. Ik herinner me talloze soiréetjes van mijn ouders op hoogpolig tapijt, John Player Special sigaretten in zwarte kokers, het geklingel van ijsblokjes in kristallen whiskyglazen… ja, het waren feestbeestjes die twee. De volgende ochtend struinde ik steevast de salontafel (want die had je toen) af op zoek naar overgebleven nootjes, kaasblokjes met ananas of een verdwaald gevuld ei, en het is niet ondenkbaar dat er ook wel eens een slokje leftover rum-punch tussen heeft gezeten. Gevolg  hiervan is dat ik nu na elk feestje of etentje dat wij geven vrij panisch restjes aan het weggooien of opruimen ben, want kinderen stoppen alles in hun mond waarvan ze vermoeden dat een moeder het zou afpakken. Gister moest ik de oudste al kauwend op iets geels onder een tafel in de bibliotheek wegtrekken, waarna ze het uiteraard snel doorslikte en we nooit zullen achterhalen wat het was – snoep, papier, of een kanarie.

Terug naar die gevulde eieren, want eerlijk gezegd was die nostalgie het laatste zetje dat ik nodig had. Nadat op het afgelopen kerstdiner op school er ook al een moeder mee aan kwam zetten (een moeder die de eigenaar is van Van Kerkwijk nota bene!) voelde ik het eigenlijk al:  Ze Kunnen Weer. En misschien zijn ze nooit weggeweest, maar had ik gewoon oogkleppen op. Nu ga ik rustig zitten wachten tot de garnalencocktail terug komt.

Recept voor gevulde eieren met sojasaus en hoi-sin

Ga uit van 2 eieren per persoon, dit zijn hoeveelheden per vier eieren.

4 biologische eieren

1 theelepel sojasaus

1 eetlepel mayonaise

snufje peper

1 theelepel hoi-sin saus (potje)

1 theelepel sriracha (Thaise hete saus, bij de betere toko te vinden)

plukje verse koriander

Kook de eieren 7 minuten en laat ze daarna schrikken in een kom met ijswater. Pel ze en snij in de lengte doormidden, en schep het eigeel er voorzichtig uit. Meng het eigeel met de soja, mayo, en peper en vul hier de helften mee. Je kunt het mengsel er in lepelen, of een spuitzakje maken van een druk/sluitzakje waar je een hoekje vanaf knipt. Druppel wat toefjes hoi-sin over de eieren, voor de grote mensen ook wat sriracha, en bestrooi met de gehakte koriander.

Op Café

tomatensalsa

Toen ik begin twintig was (in de vorige EEUW) werkte ik in een café aan de Amsterdamse Lindengracht. Ik woonde er ook een tijdje boven en dat vonden mensen soms sneu voor mij, maar geloof me, het was geen enkel probleem. De avonden dat men van geluidsoverlast zou kunnen spreken was ik er meestal toch aan het werk, of  droeg ik in een ander café waarschijnlijk zelf bij aan geluidsoverlast.

De zaterdagmarkt op de Lindengracht, alsmede die op de Noordermarkt (om de hoek) is befaamd. Bij omliggende horeca: berucht. Het is de dag van honderden cappuccino’s, tientallen tosti’s,  en eind van de middag de gestage overgang naar bitterballen, bier, en nachos. En de hele dag… kinderen. Heel veel kinderen. Dat de Fristi’s met een rietje je de oren uitkwamen. Met verbijstering zag ik vanachter de espressomachine aan hoe dreumesen over de splinterhouten vloeren kropen, asbakken (jaja, vorige eeuw hè) van tafel zwiepten, of zich laafden aan zompige bierviltjes terwijl hun ouders gezellig bijkletsten. ‘Kunnen die mensen niet gewoon bij elkaar thuís gaan zitten?’ vroeg ik me dan af.

Nou – boontje komt om zijn loontje. Nu heb ik zelf kinderen en vrienden met kinderen, en als zigeuners zwerven we soms door de stad op zoek naar een café waar ons gebroed niemand tot last is. Een tijdje was daar Brasserie Witteveen op de Ceintuurbaan, geheel in de markt gezet als kindvriendelijk. Dat is helaas gesloten – iets met ‘je geeft ze een vinger…’ etc. Op dezelfde plek zit nu het puik uitziende Julius Bar&Grill. En als ik heel eerlijk ben blief ik zelf ook liever een dikke lamsrack dan een kinderpannenkoek en een Fristi, dus daar moeten we gauw maar eens naar toe.

Maar voor wie komend weekend dus inderdaad braaf thuís gaat zitten borrelen met vrienden en kinderen, hier een goed gerechtje.

Nachos met kaas, guacamole, en salsa.

1 zak tortillachips

150 gram geraspte kaas

2 rijpe avocado’s

4 goeie tomaten, zaadjes verwijderd, in kleine blokjes

2 bosuitjes, in ringen

1 bos koriander, gehakt

2 tenen knoflook, gehakt

2 limoenen

zout en peper

1 eetlepel gesneden jalapeñopepers

1 chilipeper, fijngehakt

2 eetlepels sour cream

En weet je wat; sleep er ook maar 2 stronken witlof bij

2 kommen. Prak de avocado’s in één kom. Doe daar ¼  van de tomaatblokjes bij. De rest van de tomaat in de andere kom. Verdeel nu in gelijke hoeveelheden de bosui, koriander en knoflook. Pers boven elke kom 1 limoen uit, meng en voeg naar smaak zout en peper toe. Hou wat apart voor eventuele kinderen en roer daarna de twee soorten peper door beide dips. Snij de onderkanten van de witlof en snij de bladeren los.

Leg een laag tortillachips op een diep bord dat in de magnetron kan. Bestrooi met 1/3 van de kaas. Nog een laag chips, nog een laag kaas, nog een laag chips, enz. Knal steeds 30 seconden in de magnetron (ja hoor, dat kan) tot de kaas gesmolten is of in een gloeiend hete oven als je geen vriend van de magnetron bent. Serveer de chips met dips en wat klodders sour cream, en wissel soms af met een excuusblaadje witlof.

guacamole

Pittig Ding

pompoencurry

Vorige week heb ik bloemkoolsoep gemaakt met ras-el-hanout en nog wat andere vrolijke kruiden. Ik was er niet bij toen er gegeten werd maar volgens Matt hebben de meisjes huilend geprobeerd hun tong uit hun mond te trekken, vanwege ‘te pittig’. Dat leek mij schromelijk overdreven, maar ik zal iets milder aan doen in mijn niet aflatende poging vroegvolwassen eters van ze te kleien.

Het sneue was dat ze ook nog een paar happen moesten nemen om een snoepje te krijgen (ja, die tactiek gebruiken wij schaamteloos). En dat snoepje, weet u wat dat is? Een kauwvitamientje! Zei ze, schuddebuikend van de lach. Er zijn mensen die dit ronduit zielig voor onze kinderen en satanisch van ons vinden, maar dat riposteer ik door te stellen dat de mate waarin zij òns nog voor de gek gaan houden de komende vijftien jaar (en dan vooral tussen hun dertiende en zeventiende, schat ik) alles overtreffen zal. Bij elk huis wat we nu bezichtigen hou ik een schuin oog op alle slaapkamerraam/schuurtje-ontsnappingsmogelijkheden, en dat komt natuurlijk omdat ik zelf een stouterik was.

Maar je weet het nooit zeker. Een brave gymnasiaste die in het weekend bijvoorbeeld gewoon worteltjestaart voor je wil bakken schijn je zelf op een gegeven moment het liefst met een fles Apfelkorn de deur uit te willen schuiven, als je Sylvia Witteman mag geloven. Ik kan me daar weinig bij voorstellen. Ik zou haar haar vlechten op de bank, en haar geld toe geven. Zakgeld heet dat, geloof ik.

Vandaag op verzoek Indiaas. Kunt u zich voorstellen dat het heel verwarrend is voor een Brits neefje, een weekend op bezoek, als er door een groep Nederlanders gesteggeld wordt of er pizza of Indiaas besteld zal worden?

Recept voor pompoencurry met zwarte bonen.

Een flespompoen van ongeveer 800 gram, pitten en draden verwijderd, in blokken gesneden (hoeft niet, mag wel geschild)

1 blik (of die hoeveelheid gekookte) zwarte bonen

3 middelgrote aardappels, geschild en in blokjes

1 flinke ui, gesnipperd

1 stukje gember, formaat duimkootje, geraspt of fijngesneden

2 tenen knoflook, gehakt

2 theelepels gemalen koriander

2 theelepels gemalen komijn

3 kardemompeulen, alleen de zaadjes, gestampt

3 theelepels garam masala

3 eetlepels geraspte of geschaafde santen  (zo’n blok kokos)

100 gram cashewnoten, ongebrand en ongezouten

400 ml heet water

1 blokje groentebouillon

handvol verse koriander, gehakt

paar eetlepels dikke yoghurt

olie om in te bakken

facultatief, apart: 1 groene chilipeper, dungesneden

Maal de cashewnoten fijn in een keukenmachine of  met een staafmixer. Verhit de olie in een grote hapjespan of braadpan en bak de ui in ongeveer 7 minuten zacht op laag vuur. Voeg de gember en knoflook toe en fruit nog 2 minuten, en dan alle specerijen (de ingrediënten tot aan de santen). Laat dit nog een paar minuten zachtjes bakken tot je denkt dat het Indiaas ruikt. Zet het vuur iets hoger en voeg de pompoenblokken toe. Bak 2 minuten een beetje aan, schep alles uit de pan, en doe de geschaafde kokos in de pan. Vuur laag. Begin met de helft van het net gekookte water en los daarmee de kokos op. Bouillonblokje erin verkruimelen. Roer nu het cashewnoten’meel’ erdoor. Als het goed is, wordt het meteen dik en heb je de basis van de curry. Voeg de rest van het water toe tot je de gewenste consistentie hebt. Pompoen en uienmengsel terug in de pan, aardappels erbij, deksel op de pan, kwartiertje laten garen. Laatste 5 minuten de bonen erbij. Serveren met basmatirijst voor wie dat wil, en de neiging onderdrukken er een gehakte groene peper over te strooien. In plaats daarvan, een lepel yoghurt en verse koriander.

Pauze

noedelsoep vegetarisch

Ik kan er niets aan doen, die rare behoefte die ik tien schooldagen achter elkaar kan bedwingen maar waar ik één keer in de twee, drie weken aan toe moet geven: mijn dochtertje begluren op het schoolplein. Het gebeurt altijd toevallig, echt waar. Ik fiets langs, een zwerm kindjes joelt en jubelt in de vroege winterzon, ik zoek lange blonde haren op een donkerblauwe jas, ik moet remmen want er zijn vierendertig meisjes met lange blonde haren en een donkerblauwe jas aan het buitenspelen. Ik stel me dan toch maar wat verdekter op, zoekende blik, turend naar de zandbak, nee, het klimrek, nee, en dan… daar is ze. Frisse roze wangen, piekige lokken, ze rent achter een jongetje aan, ze lacht, ze kijkt verwachtingsvol en open.

Mijn meisje, van zo klein naar zo groot naar zo klein op zo’n plein.

Ik fiets snel door.

Herinneringen aan mijn eigen eerste schoolpauzes zijn vaag, minimaal. Het leeuwendeel van mijn pauzes bestond vier jaar lang uit het moment dat mijn moeder haar les(geef)boek neerlegde, haar zogenaamde jufpet afzette, en een half uurtje weer gewoon mijn moeder was. Ze heeft me leren lezen en schrijven en rekenen; buitengewoon intiem en waardevol. Engelengeduld had ze, ook wanneer ze de kindjes van de buren lesgaf die volgens mijn vader nodig eens bij een psychiater langs moesten. Dat zei hij niet achter de rug van die ouders om hoor, gewoon recht in hun gezicht, met de allervriendelijkste bedoelingen. DAT KAN DUS NIET.

Lunch vandaag – soep van restjes.

Recept voor vegetarische noedelsoep voor 1 persoon

500 ml groentebouillon

100 gram tofu

½ winterpeen of paar wortels in blokjes

beetje mihoen

1 stronkje witlof, gesneden

1 eetlepel sojasaus

1 eetlepel Thaise vissaus

1 theelepel sesamolie

1 theelepel sambal djeroek (sambal van/met limoen)

scheut citroensap

wat gehakte koriander of peterselie

1 eetlepel zonnebloemolie

Om te beginnen ga ik je vertellen waar tofu, of tahoe zoals ik het placht te noemen, lekkerder van wordt. Zoals veel dingen wordt het lekkerder van bakken in olie. Maar om dat zompige goedje een beetje krokant te kunnen bakken moet je het eerst wat droger zien te krijgen. Leg daarom de tahoe eerst gewikkeld in een schone keukendoek in een diep bord met daarop je zwaarste braadpan. Laat die pan in een halfuurtje zoveel mogelijk vocht uit de tahoe drukken. Bak het daarna in een koekenpan in de zonnebloemolie op hoog vuur rondom goudbruin. Verwarm de bouillon en roer alle ingrediënten erdoor, met als laatste de sambal. Kook nog vier minuten door tot de mihoen zacht is. Drink/eet slurpend in je eentje, als de soep nog net iets te heet is.

Basisbal

vegaballen

Dingen die ik tijdelijk heb gekund, ooit in mijn leven:

-Op mijn handen staan

-Op mijn hoofd staan

-Op een galopperend paard staan

-Piano spelen

-Een (eigen) teen in mijn mond stoppen

-Maat 36 dragen

-Inverse goniometrische functies maken. Uiteraard alleen mogelijk door beperkingen te hanteren; arcsin, -cos, en –tan, u weet wel

-Heel lang touwtje springen

-Meer dan twee bier drinken

-Schaken

Dat schaken leerde ik in de twee jaar dat ik –vrij toevallig- in Nederland in groep 7 en 8 zat. Ik was niet zo gewend aan klassen en zoals bij waarschijnlijk elk kind dat nieuw op een school komt, duurde het even voordat ik mijn draai had gevonden in dit antropologisch fenomeen. Ik geloof wel dat deze bepaalde school een eerlijke afspiegeling van de couleur locale toonde. Er zaten wat leuke bruine kindjes in mijn klas, een meisje dat haar moeder (terug)sloeg, en ook waren er veel jongetjes met lamswollen truitjes en poloshirts daaronder. Jongetjes die op de basisschool al vrij ballerig praatten, en op tennis en hockey zaten. Met één van hen kwam ik terecht in een schaakklasje. Het zal het begin van het schooljaar geweest zijn, ik was nieuw en Lennart was wat ik nu het alfamannetje zou noemen. Mijn moeder onderging in die tijd een aantal zware oogoperaties, en één van de eerste middagen van dit gemoedelijke naschoolse activiteitje kregen hij en ik een beetje mot. Er werd wat over en weer gekat, dat ging van kwaad tot erger, en toen vielen de woorden “schele moeder”…

De keren dat ik blind van woede ben geraakt in mijn leven zijn op twee vingers te tellen, en van de tweede keer kan ik gelukkig zeggen dat er een gepast aantal meters afstand bleef tussen mij en de tegenstander, maar deze eerste keer was er geen houden aan. Ik vloog door de ruimte met het eerste wat ik in handen kon krijgen, namelijk het schaakbord, en voordat de brave bebaarde schaakmees kans zag zich ertussen te werpen had ik Lennart, die met zijn rug naar me toe zat, bovenop zijn hoofd gemept met wat wel een heel flimsy plaatje hout moest zijn. Het brak namelijk meteen in tweeën, en Lennart hoefde echt niet naar de Eerste Hulp of zo. Wel ging hij huilen, en ik ook, en nadat de obligate verontschuldigingen gepleegd waren, werden we voor de rest van onze lagere schooltijd eigenlijk heel goede vrienden. Ik zie hem op alle foto’s van mijn verjaardagsfeestjes destijds.

Nostalgie; aangezwengeld door het achterlaten van onze oudste dochter in een gebouw met gangen, trappen, juffen en meesters, honderden kinderen, groots en onbekend. Voor het eerst naar school.

Tomatensaus met tranen – nee hoor, nu stop ik. Ik voorzie grote drukte en geregel in de toekomst, en iets met een kalender met activiteiten en verplichtingen, dus ga ik af en toe een grote pan maken met stevige kost die zo uit de vriezer getrokken worden als koken er even niet in zit. Altijd goed op het repertoire: ballen in saus. Vegaballen dit keer!

Hoeveelheden voor een flinke voorraad; voor één avond eten met 2 volwassenen en 2 kinderen – halveren maar.

3 pakken vegaballetjes

2 blikken gepelde tomaten

1 grote ui, gesnipperd

3 tenen knoflook, in zeer dunne plakjes

3 theelepels gemalen venkelzaad

2 theelepels paprikapoeder. Hete, als je er mee weg denkt te komen.

1 bouillonblokje

olijfolie om te bakken

Verhit in een braad- of hapjespan twee eetlepels olijfolie. Fruit de ui op laag vuur in ongeveer 7 minuten zacht. Voeg de knoflook toe en bak nog 3 minuten. Voeg venkelzaad en paprikapoeder toe en roer een minuutje door. Blikken tomaat erbij, tomaten kapot maken met een spatel, bouillonblokje erin, deksel erop en 20 minuten zachtjes laten pruttelen, af en toe roeren. Intussen de balletjes in een koekenpan bakken volgens aanwijzing. Na die 20 minuten bij de saus in de pan en nog even laten trekken. Lekker met rijst, pita’s pasta, peulvruchten, you know.

Toys for Boys

groentencurry

Vandaag is mijn zwager jarig. Wat hij wil voor zijn verjaardag? Ik denk iets Transformers/Star Wars-aanverwant, maar dat durft hij niet toe te geven. Hij is namelijk, ehm, ergens in de dertig geworden. En toen hij Matt een paar jaar geleden een Transformer gaf (die heeft het ook), kwam de doos in de spaken en belandde hij met een gebroken arm op de Eerste Hulp, dus dat heeft het misschien ook wel even verpest.

Intussen worstelt Matt met de hoeveelheid roze die ons huis in toenemende mate bevlekt, al beperkt die zich nu eerlijk gezegd nog tot een minimum. Een tweedehands fietsje, een broek die de deur niet uitmag zonder een rockband t-shirtje, en twee armbandjes die we altijd toevallig niet kunnen vinden. Maar vooral deerniswekkend vindt hij het vooruitzicht dat er straks geen zoon met hem zal modelvliegtuigbouwen, ridder/draak/kasteelfantaseren of Decepticonbashen, en zijn kleine Padawans natuurlijk alleen maar wijvendingen willen doen. Toch – wat de jongste betreft, is er nog hoop. Die staat vooraan als er iets radiografisch te besturen valt, en kan zowat beter dribbelen dan lopen (dat is met een bal).

Zelf werd ik als enig kind gruwelijk verwend met Barbie’s complete lifestyle, maar in mijn herinnering speelde ik net zo lief met een paar nichtjes Charlie’s Angels na. The extended version welteverstaan, namelijk een weekend lang, en dan hadden we alleen een paar gigazonnebrillen van mijn moeder nodig. En het liefst zie ik mijn kinderen nu spelen met gerecyclede Afrikaanse kralen of een houten telraam, maar het gaat natuurlijk niet lang meer duren tot de kleuterdruk ons ook voor een schap met uitgemergelde blonde speelgoedpoppen heeft staan.

Wat mijn zwager wel als verjaardagswens heeft uitgesproken: rijsttafel. En die kan ie krijgen, al beraden we ons nog op zelfgemaakt of een excursie naar Soeboer in Den Haag.  Vanavond voor we naar het feestje gaan, eerst maar een bodempje leggen met dit:

Recept voor milde groentencurry

1 flinke ui, gesnipperd

2 tenen knoflook, gehakt,

stukje gember van ongeveer 2 cm, geschild en fijngesneden

1 flinke theelepel gemalen koriander

1 flinke theelepel gemalen komijn

1 flinke theelepel gemalen kardemom

1 flinke theelepel kurkuma

1 flinke snuf kaneel

Ha! Alles met een K!

2 winterpenen, in blokjes

400 gram champignons, in kwarten

1 blik kikkererwten, afgespoeld en uitgelekt

1 handvol geblancheerde amandelen, grof gehakt

1 handvol rozijnen

1 handvol gehakte verse peterselie of koriander

5 eetlepels dikke yoghurt

zonnebloemolie om in te bakken

Verhit in een grote hapjespan 2 eetlepels olie op matig vuur. Zet het vuur iets lager en bak de ui in ongeveer 5 minuten zacht en glazig. Voeg de knoflook en gember toe en bak nog een paar minuten mee. Alle gemalen specerijen erdoor, en nog een minuutje bakken. Vuur hoger en champignons in de pan. Wanneer het vocht uit de champignons vrijkomt, de blokjes peen en de rozijnen in de pan en goed doorroeren. Deksel op de pan, vuur weer iets lager, en 5 minuten laten stoven. Dan de yoghurt erbij en de kikkererwten, en weer 5 minuten verwarmen. Op smaak brengen met zout en peper, vuur uit, en de gehakte kruiden erbovenop strooien. De amandelen apart erdoor roeren als er kinderen involved zijn. Serveren met rijst, naanbrood, of, winnend makkelijk, pitabroodjes.

Nog eentje dan

pompoen salie

Dat ik eigenlijk een ruggegraat van likmevestje heb, en mezelf daardoor best vaak in vreemde zeemanscafé’s/Sound-of-Music-singalongs/ontbijtzalen terug heb gevonden, doet er niet toe. Want nu ben ik volwassen en verantwoordelijk, tenminste van maandag tot en met vrijdagmiddag vier uur, en ik werk waar mogelijk en ik zorg en ik klus en ik lees voor. Ik sport en ik spring en ik kook en ik voeder, en het enige dat het me kost is soms een beetje van m’n geduld. Vroeger had ik eindeloos geduld. Toen kon “Nog eentje dan…” zomaar betekenen dat we met ongelimiteerde OV-studentenkaarten twee uur naar Groningen reisden om daar eens flink de vrije sluitingstijden te tarten.

Nu resulteert “Nog eentje dan…” meestal in kreunende spijt onder een hoofdkussen om acht uur ’s ochtends, wanneer een driejarig meisje aan ons bed om een boterham+iPad+d’r kleine zusje komt bedelen (die kan er zelf nog niet uit). En jaaaa acht uur is héél schappelijk en sjongejonge wij boffen maar, maar iedereen weet hoe dat gaat met -eigen- grenzen rekken.

Met de titel van dit stukje probeer ik overigens niemand naar de fles te doen grijpen. Zeker, het hàd kunnen refereren aan een kloeke Bourgogne, of een donderende Dark & Stormy (mijn cocktail du jour) maar het gaat hier, vrij prozaïsch, over een oranje pompoen. Ik rooster, stoom, en pureer verdomme al een half jaar oranje pompoenen. Het is april. Ik ben er klaar mee. Nog één recept, en dan wil ik ze niet meer zien tot oktober. Zes maanden per jaar wintergroenten, tsssst…

Recept voor geroosterde pompoen met geitenkaas en salie

1 oranje pompoen, in stukken, pitten verwijderd. Niet geschild. Ik doe het gewoon niet meer.

2 tenen knoflook, ongepeld, geplet

150 gram zachte geitenkaas

paar takjes rozemarijn, de blaadjes fijngehakt

paar blaadjes salie

quinoa of pasta voor 2,3,4 personen – met hoeveel je bent

olijfolie

Verwarm de oven voor op 200 graden. Is het goed als ik er niet meer elke keer Celsius bij schrijf? Als je naar Fahrenheit-country gaat hoor ik het wel. Hussel de stukken pompoen met 2 eetlepels olijfolie, een beetje zout, de knoflook, en de rozemarijn in een ovenschaal door elkaar. Zet een half uur in de oven, en haal eruit als de puntjes beginnen te blakeren. Kook in het laatste kwartier de quinoa volgens de verpakking en houd warm met de deksel op de pan. Als je pasta maakt – ook even goed klokken. Rol de blaadjes salie op als een sigaartje en snijd in reepjes. Meng de quinoa of pasta met de  pompoen, verkruimel de geitenkaas erboven en bestrooi met de salie en flink wat peper. Adios, calabaza.

A taste of India

erwtensoep met kruidenolie

Ik doe nu wel tof over eten, maar tot mijn 18e vrat ik niks. Ja, Chinees, en M&M’s, en tosti’s. Tosti’s voornamelijk in café De Gouwe, om de hoek van de  kakschool waar ik eindexamen deed. Dat dat eindexamen ooit (glorieus) is gehaald is geheel te danken aan de toenmalige rector, die op een dag om 11 uur ’s ochtends briesend en snuivend het café binnenstormde en brulde “En nu allemaal naar school GODVERRREDOMME” waarna wij, circa zestig man sterk, het op een drafje naar buiten zetten. Ik meen me te herinneren dat hij zelfs nog een Arnie over het biljart sleurde.

Ik was als klein kind selectief achterdochtig naar voedsel; champignons at ik pas nadat mijn moeder me had wijsgemaakt dat het kippenlevertjes waren – dat soort kuren. En sommige ervaringen waren zo traumatisch dat ik blij ben dat ik een blog heb om het van me af te schrijven.

Zo was daar een jaren ’80 picknick met de familie Apte. De Aptetjes waren Indiase mensen gestationeerd in Nairobi, en omdat mijn vader zevenduizend mensen kent, kende hij ook de broer van mijnheer Apte, die toevallig, nou ja whatever enzovoort. Mijn vader en ik verschillen vaak van mening maar deze belevenis hakte er bij ons beiden in, bleek toen ik hem gister ondervroeg. Mevrouw Apte had een schat aan bakjes en waren uitgestald, we tastten vrolijk toe, en vervolgens heb ik een kwartier met die eerste hap in m’n mond stiekem zitten kokhalzen. Daarna heb ik onopvallend een riviertje opgezocht, m’n papje uitgespuugd en de rest van de middag verzadiging geveinsd.
Volgens mijn vader ging het zo: “Ja, hahaha, jij vond het zo vies dat je het in de rivier ging spugen, die rivier zat vol met Nijlkrokodillen woehahahahaha, ik vond het ook niet te vreten, ze hadden niet eens vlees! Ik weet het nog goed, ik had verdomme zo’n zin in kip Tandoori…”

WTF deden we in the first place aan een rivier met krokodillen?? Het heeft in ieder geval vijftien jaar geduurd voordat ik weer Indiaas durfde te eten, terwijl ik inmiddels een moord zou doen voor de vegetarische kunsten van mevrouw Apte. Daarom vandaag een eerbetoontje aan haar. She’d probably laugh in my face…

Recept voor een grote pan gele spliterwtensoep met kruidenolie.

500 gram gedroogde gele spliterwten. Bij mijn supermarkt te vinden bij de Surinaamse producten.

2 uien, gehakt

3 tenen knoflook, fijngehakt

1 eetlepel tomatenpuree. Ik had vandaag een exploderend blikje. Spectaculair!

1 afgestreken eetlepel garam masala

2,5 liter groentebouillon

Zonnebloemolie

Peper en zout

Voor de kruidenolie:

1 bosje verse koriander

1 bosje verse bladpeterselie

stukje gember van 1 cm, gehakt

sap van ½ citroen

1 eetlepel zoute ketjap/sojasaus

3 eetlepels zonnebloemolie

Neem een heel grote pan met dikke bodem (waar ruim 2,5 liter vocht in past), en verwarm 3 eetlepels zonnebloemolie. Fruit op laag vuur de ui in ca.10 minuten zacht en glazig. Spoel de spliterwten goed af. Voeg de knoflook toe en bak nog drie minuten. Dan de garam masala erdoor roeren. Oeh, dat ruikt lekker. Na een minuutje de tomatenpuree erbij, ook even meebakken. Spliterwten erbij, en de bouillon. Begin maar met 2 liter, er kan later altijd meer bij. Aan de kook brengen, vuur temperen, deksel schuin op de pan, heel zachtjes door laten koken, en anderhalf uur iets anders gaan doen. Bijvoorbeeld de krant lezen en de kruidenolie maken. Alle ingrediënten voor de kruidenolie met de staafmixer pureren in zo’n mengbeker.

Vergeet niet af en toe in de soep te roeren. Na een uur en een kwartier begin je wat erwtjes te proeven, of ze zacht genoeg zijn, of er bouillon bij moet. Toen ik ze goed vond, heb ik eerst een kommetje zo gegeten, met de kruidenolie en wat gehakte halfgedroogde tomaat (zie foto). De rest heb ik gepureerd want opeens kwamen er kinderen thuis.
Besprenkel de soep in kommen met de kruidenolie, en eet met bijvoorbeeld naanbrood.