Kill your darlings

rucolaspinaziesalade

De tuin van een vriendin heeft rabarber growing up the ass, als een tuin een ass zou hebben, en dan nog eerder out of the ass. Dus zouden Matt en ik die stengels wel eens te lijf gaan, en ze hak-hak-kook verwerken tot compôte, crumble, en –cello, alles fotografisch vastleggend teneinde schitterend inspirerende beeldbegeleiding bij deze kekke stukjes. Er zou zelfs suiker aan te pas komen.

Niets van dat alles. Aangezien veel van onze ondernemingen ingeleid worden door een bezoekje aan Google, konden we al gauw de handdoek in de ring gooien toen bleek dat rabarber vóór de langste dag van het jaar geoogst dient te worden. En eindigde daar mijn jaarlijkse poging tot groenvingeren.

Planten/levende groenten en ik, het wil niet echt. Terwijl ik zo vreselijk graag een moestuin wil. In mijn handen kapt het meeste er gewoon mee, en dat geldt ook voor techniek. De keren dat een apparaat niet aangaat als ik aan de knoppen zit TERWIJL IK PRECIES HETZELFDE DOE ALS MATT; op diezelfde handen niet te tellen. Het is een wonder dat ik hier nog wekelijks een schrijfsel de digitale snelweg op weet te jagen, en inderdaad, soms lukt dat ook niet.

Eén troost: de rucola deed het nog. Niet geheel eerlijk verdeeld tussen de slakken en mij, maar toch genoeg voor een accent in de salade zo fris en zurig en pittig, dat het kicked dat vlakke bittere zakspul uit de supermarkt z’n ass.

Recept voor een vreselijk lekkere spinazie-rucolasalade.

200 gram rauwe verse spinazie, gewassen. Doe maar uit zo’n zak.

flinke handvol rucola, gewassen

½ courgette, in dikke plakken

1 (punt)paprika in ringen

1 avocado, geschild en in plakjes

100 gram spekblokjes

1 klein sjalotje, in dunne ringen

1 teen knoflook, in dunne plakjes

1 theelepel gemalen komijn

1 theelepel gemalen koriander

voor de dressing:

2 eetlepels dikke yoghurt

1 eetlepel azijn

1 theelepel honing

1 eetlepel olijfolie

zout en peper

Ik schrijf dus meestal achter de ingrediënten hoe je ze klaar moet hebben liggen, maar je kan natuurlijk het één snijden terwijl je het ander bakt. Hier bijvoorbeeld: verwarm vast een theelepel olie op middelhoog vuur in een koekenpan. Doe de spinazie, rucola en gesneden (ja, die wel) paprika vast in een saladekom. Spekjes in de koekenpan. Langzaam goudbruin bakken. Intussen sjalotje en knoflook snijden. Spekjes met schuimspaan uit pan scheppen en op keukenpapier op een bord laten uitlekken. Vuur laag zetten. Sjalotje in de koekenpan met spekvet doen en 5 minuten zachtjes fruiten. In die 5 minuten dressing maken. Eerst azijn in een kom, dan zout (lost lekker op), roeren, dan honing, dan yoghurt, roeren, dan olie, dan peper, enfin… Verdunnen met een paar druppels water. Ik begin met een paar druppels ‘cause there’s no turning back… Intussen mag die knoflook er wel bij, in die koekenpan. Vuur iets hoger en nog drie minuten zachtjes bakken. Intussen courgette snijden. Dan, bij knoflook en sjalot, specerijen in de pan. Minuut meebakken, beetje roeren. Kikkererwten erbij. Drie minuten. Pomtiedom. Alles uit de pan over de spinazie scheppen. Probeer wat vet achter te houden, anders moet je nu misschien een lepeltje olie aan de pan toevoegen. Vuur weer iets hoger. Courgetteplakken bakken, 2 à 3 minuten per kant. Intussen avocado schillen en in plakjes snijden. Courgette in de kom, avocado erbij, dressing erover. That’s how I roll, maar als jij een andere volgorde aan wil houden wordt het vast niet minder smakelijk. Lekker met brood voor zij die brood eten.

Geef een reactie