Goed verhaal, doen we niet

koolchips

Kent u die ene van dat meisje dat naar Hollywood ging? Nou ze ging ook, maar daar bleef het bij. Hoofdstuk 2 in De Sterke Futiliteitsverhalen.

Ik zit in het derde jaar van de Toneelschool Arnhem, en ik ben op een doordeweekse avond naar Amsterdam getreind om een voorstelling in Frascati te zien. Na de voorstelling zit ik naar goed gebruik met vrienden in Café de Blincker een paar glazen wijn naar binnen te klokken, alvorens aanstalten te maken de laatste trein terug te pakken. Overigens, en dit is vrij belangrijk, heb ik een rode trainingsbroek en een capuchontrui aan en is dit belangrijk omdat ik niet iets anders aan heb. Ik heb stomtoevallig m’n paspoort op zak. Dan gaat de telefoon. Het is half elf ’s avonds.

Larry, een bevriende Amerikaanse regisseur, vraagt of ik direct, ASAP, pronto, my ass on a plane to L.A. kan krijgen want hij heeft een auditie voor me geregeld. Met wie dan? Met Ryan Philippe. Wie is dat? De ex van Reese Witherspoon, en wat sneu dat dat er altijd bij vermeld moet worden. En wie zit er nog meer bij? Laurence Fishburne. Die meneer uit de Matrix, en veel later, CSI. Ik moet het ticket wel zelf reserveren, want hij moet nu door, druk, rennen, you know, call me what time you get in!

Oh. Okay. Ja, tja, ik weet het niet, ik denk er even over na. Ik pruttel wat, leg m’n vriendinnen voor wat er net gevraagd is, en terwijl hun ogen steeds groter worden zeg ik “…maar ik heb morgen Chrisje.” Christine Ewert was één van mijn lievelingsdocenten, en geen haar op mijn hoofd dacht erover haar les te skippen “…en ik heb geen kleren bij me…Nee joh, veel te ingewikkeld.” Ze sleuren me aan mijn haar naar het kantoortje boven, positioneren zich achter telefoon en computer – handige productie/redactievrouwen die het zijn, en voor ik goed en wel kan beseffen wat er gebeurt schijn ik zeven uur later op Schiphol te moeten aantreden. Bij de vriendin met dezelfde maat kan ik niet slapen want die heeft een kat (ik heb de Moeder Aller Kattenallergieën) maar zij pakt een koffertje met kleren voor me in, die ik na een nacht op de bank van andere vriendin zal oppikken met de taxi volgende ochtend.

De eerste vraag die me op Schiphol bij de controle wordt gesteld is ‘Heeft u deze koffer zelf ingepakt?’ Is dat een strikvraag? Ik begin prompt te stotteren en zweten. Ik heb werkelijk geen idee wat er in die koffer zit. Hij is nog niet opengemaakt. ‘Wat zit er in?’ Uhm… een, eh… broek..? En een, eh… onderbroek? Ja, zeker een onderbroek. De mevrouw vertrouwt het niet, en opent het ding. Een bewonderend zuchtje ontsnapt me. Leuk, dat blauwe kanten ding. Oh, handig, nagellak. Gelukkig, een boek! Ja, een rokje, ook slim, als het daar dertig graden is. Die wijffies, daar kan je echt op rekenen. Vervolgens moet ik het hele verhaal uitleggen en heeft u ook wel eens dat de waarheid absurder klinkt dan wanneer u gewoon even iets uit uw duim gezogen had?

De rest van het verhaal kan ik bondiger samenvatten. Het was raar, het was hilarisch, het was spannend, en ik werd het niet.

En in die geest, van veel voorbereiding welke tot groot doch zeer kortstondig plezier leidt, een recept.  In Amerika als kale chips al een tijdje the craze, en over die kalegekte een andere keer meer. Dit eet je natuurlijk alleen maar als je wanhopig op zoek bent naar weerstand tegen die vermaledijde zak Salt&Vinegarcarbs in de kast.

Recept voor geroosterde koolbladeren, slecht vermomd als chips.

½ groene kool

olijfolie om in te bakken

zeezoutvlokken

bakpapier

Verwarm de oven voor op 180 graden. Haal voorzichtig de bladeren los van de kool, en snijd de witte nerf  uit het midden van het blad. Halveer het blad in de lengte. Bestrijk nu de bladeren één voor één met de olie, en wrijf het er goed in. Hier ben je wel een tijdje mee bezig. Leg zoveel mogelijk bladeren naast elkaar op een met het bakpapier bekleedde bakplaat, bestrooi met zout, en schuif in de oven. Blijf in de buurt van de oven, en check na een paar minuten of de randjes van de bladeren al omkrullen en en lichtbruin zijn. Haal de plaat eruit, keer de blaadjes om, en rooster nog een paar minuten. Laat dan volledig afkoelen en eet op. Zo hèhè, daar heb je wel een seconde of veertig plezier van.

Who wants her MTV?

omelet met bonen en tomaat

Af en toe krijg ik een telefoontje dat vooralsnog nog nooit tot iets zinnigs heeft geleid, maar me dan wel vierentwintig uur in een soort twilight zone van twijfel doet zitten. Dat gaat meestal zo: Hai, kan je straks/morgen even auditie komen doen/beschikbaar zijn voor een rolletje in een James Bond film/de MTV Awards/ Brazilian arthouse closet lesbian project? Gevolgd door een tweede telefoontje/voicemail: Hai, ja, nee, sorry, gaat niet door doei.

Geloof me, ik zou liever gewoon voor iets normaals als het Nationale Toneel gevraagd worden want al die malligheid levert niks op, behalve wat futiliteitsverhalen. Vandaag één, volgende week een andere. Want halverwege is het wel weer eens tijd voor een receptje, me dunkt.

Die MTV Awards show was vorig weekend in Amsterdam, en de vraag kwam of ik met de presentator die vre-se-lijk bekend is, in MTV-kringen dan, een komische scene op wilde nemen die één van de vele clichés zou weergeven die Amsterdam rijk is. Iets met een massage… Maar het zou juist allemaal heel keurig aflopen, haha! Ik bleef weifelend achter, zocht die presentator eens op in het Grote Boek der Internets en had nog steeds werkelijk geen flauw idee. En almaar knaagde daar de onweerlegbare waarheid: ik ben hier te oud voor… Dus na het telefoontje dat het allemaal niet door ging volgde er zeker geen diepe teleurstelling, en toen ik teruglas dat die presentator ongeveer even oud is als ik, bedacht ik dat die arme man vast een beetje moe zou zijn van al dat drukke gedoe en in Amsterdam waarschijnlijk gewoon op de bank wilde hangen met iets zachts en warms als een omeletje. Toch? In plaats van omringd worden door twerking  grietjes in badpak, of joints, of masseuses, of andere clichés.

Recept voor omelet met witte bonen en gedroogde tomaat.

Als avondmaal voor 2 grote en 2 kleine mensen; indien je gewoon heel gulzig luncht kan je de hoeveelheden halveren.

6 eieren, geklutst met een scheutje melk

2 tenen knoflook, in ragdunne plakjes gesneden

2 eetlepels halfgedroogde tomaatjes, gehakt

4 eetlepels gekookte witte bonen

2 theelepels gedroogde of wat verse tijm

olijfolie om in te bakken

Verhit in een grote koekenpan 2 eetlepels olie op zacht vuur, en bak daarin de knoflook in ca. 2 minuten zacht. Roer de tijm, tomaten, en bonen door de geklutste eieren, zet het vuur hoger en giet het eimengsel in de koekenpan. ‘Haal’ met een spatel de randjes steeds een beetje naar binnen en hou de pan schuin, zodat het natte ei bovenop zich naar buiten verspreidt. Ga in lichte paniek op zoek naar een plat deksel of groot bord dat ruim op de koekenpan past. Als je na een paar minuten voorzichtig een randje van de omelet omhoog kan houden en dan ziet dat de onderkant goudbruin is en de bovenkant grotendeels stil ligt, plaats je het deksel of bord (bord ondersteboven) op de pan. Pak met één hand de steel van de pan, druk met de andere hand stevig op het deksel, en flip de pan om, 180 graden. Deksel/bord ligt nu onder. Pan terug op het vuur, en laat de omelet met de ongebakken kant onder nu voorzichtig terug glijden in de pan. Spectaculair, toch? Bak nog een paar minuten, en serveer met veldsla en brood.

De foto toont de mooist gebakken, maar niet met bonen en tomaat gezegende kant van de omelet. Die zakken namelijk naar de bodem. Vorm boven inhoud ja.

Liebster

liebster_award

En toen kreeg ik een Liebster award. Ik was niet bekend met het fenomeen, maar ik ben bijzonder gevoelig voor prijzen en awards. Dat heeft alles te maken met de hoogst competitieve want Amerikaanse middelbare school waar ik vier jaar op zat. Ik volleybalde en softbalde en aria’de me door heel Azie naar allerlei prijzen en nog steeds word ik iets te fanatiek als een kind met mij wil overgooien. Gek genoeg kan verliezen bij een spelletje me geen bal schelen. Een spelletje is een spelletje namelijk, bedoeld om je mee te vermaken. Een belcanto concours? Leven en dood.

Na wat onderzoek bleek de Liebster Award geen hoge mate van exclusiviteit te behelzen, maar wel is het een heel aardig (doorgeef)gebaar om andere bloggers (met minder dan 1000 volgers, nou daar hoor ik nog net bij) onder de aandacht te brengen. Ik kreeg hem van Charlotte Kleyn, een studente die gezegend met exquise culinaire genen verslag doet van hoe smaakvol zij haar tijd in Parijs doorbrengt. Zij legde de volgende vragen aan mij voor.

1.  Waarom ben je een blog begonnen?
Omdat ik me wilde bekwamen in schrijven in column stijl.
Omdat ik weet dat duizenden ouders met kleine kinderen zich net als ik vastgeklonken aan het fornuis terugvonden nadat ze één keer met hun ogen knipperden. It only takes once… Or twice, in mijn geval.
Omdat ik jullie aan het opwarmen ben voor een kikkererwtenrevolutie.

2. Wat is de populairste pagina op je blog en welke vind je zelf het leukst?
De pagina waar ik naar Janneke Vreugdenhil heb gelinkt is het populairst. Maar eerlijk gezegd heb ik pas één keer in dit blogjaar zo’n statistiekenpagina bekeken… Ik vind het schrijven zelf interessanter dan de cijfertjes erachter.
Zelf kan ik niet kiezen tussen deze en deze. Ik lees ze beiden graag terug. Wat inderdaad net zo erg is als lachen om je eigen grappen.

3. Wat is de raarste zoekterm in je stats geweest?
Ja wacht, dan moet ik ‘Internet voor Dummies’ er weer even bij pakken…

4. Luister je muziek tijdens het koken? Welke?
Soms. Meestal zingen die eikels van Sesamstraat overal doorheen. Als ik mag kiezen: schurende country (as I write, huilt Lefty Frizell:
“And now I’m sick, I’m sober and sorry,
Broke, disgusted, and sad,
Sick, sober, and sorry,
But oh, what fun I’ve had…”)

 5. Je mag over 5 minuten een taxi instappen op weg naar het vliegveld en een reis naar keuze maken, waar ga je heen?
New York. Ah, inspiratie; over pronto een vlucht naar Amerika moeten pakken binnenkort een stukje.

 6. Wat is je lievelingskeuken?
Een grote. Natuurstenen blad, oud-houten kastjes onder, geen boven, matte zwart-wit tegelvloer en aan het plafond stangen met hangende pannen en gerei. Herkent iemand ‘m?

 7. Welk gerecht uit de Hollandse keuken vind je het lekkerst?
Frites mayo. Om met Samuel L. Jackson te spreken : “They fuckin’ drown ‘em in that shit.

 8. Welk ingrediënt heb je altijd in huis?
Kikkererwten. Je weet toch.

9. Welk ingrediënt heb je NOOIT in huis?
Passievrucht. Getver.

 10. Van wie heb je leren koken?
Jamie Oliver, 15 jaar geleden. En daar durf ik voor uit te komen. Het is een commerciële dawg en chique chefs halen hun neus voor hem op, maar dat hij ooit als snotaap heeft laten zien dat je gewoon wat goeie verse dingen in een pan moet pleuren, heeft half Nederland hun keuken van dichterbij doen kennen.

 11. Wat is je favoriete comfort-food?
Bamisoep.

Nu geef ik het stokje door, aan

http://eerstkoken.blogspot.nl/


http://www.dekokendeboekverkoper.nl/

en

http://emsrealfood.nl/

Zeg Antoinette, Linda, en Em,

1.Wat ligt/staat er in je ijskast dat je allang weg had moeten gooien?

2. Heeft iets je ooit doen kokhalzen? Eten of drinken, hè.

3. Wat kan jij op een zondagavond maken uit je voorraadkast/vriezer als je geen boodschappen hebt gedaan?

4. Wat vinden je vrienden het lekkerste dat je kookt?

5. Wat wil je eten de avond voordat je amandelen geknipt worden en je de komende weken alleen maar perenijsjes mag?

6. Wat is het beste kookboek in je kast?

7. Wat is het beste non-kookboek in je kast?

8. Welke wijn drink je graag bij welk gerecht?

9. Welk restaurant in Nederland moeten we allemaal naar toe?

10. Wat kook je dat je als kind graag at?

11. Wat stem je? Nee hoor grapje. Hier mag je antwoord geven op een vraag die ik niet heb gesteld, maar die je graag had beantwoord.

Leef je uit!