Breaking News

quinoa ontbijt

Matt en ik maken er geen gewoonte van elkaar suffe vragen te stellen, dus de enkele keer dat we een semi-ironische poging doen elkaar uit de tent te lokken, hebben we de grootste lol. Laatst probeerden we ‘Met Wie Zou Jij een Ontbijtje Willen Eten?’

Eerst konden we niet bedenken of het nou een eitje, een beschuitje, of een ontbijtje was. En waar de term vandaan kwam. Koffietijd 1995? Wat betekende het eigenlijk? Behelsde het dat je eerst de nacht doorgebracht zou hebben met je onderwerp? Waarom zou je anders, op een highpower business meeting  of als je bij de VN zit na, met iemand ontbijten? Dat veranderde de zaken nogal. Dat konden we natuurlijk niet zomaar goedkeuren. Als compromis kwamen we daarom uit op ‘koffiedrinken’. Ook moesten er criteria en voorwaarden gesteld worden betreffende realiteitszin. Anders zou iederéén natuurlijk Brad Pitt kiezen, dacht ik. Dat zag Matt anders, maar goed, we zouden het beperken tot Nederlandse Mensen Enigszins Bekend. En toen begon het grote gepieker. We konden heel lang niemand uit onze mouw toveren. Het bleef een paar minuten stil, totdat ik maar een beetje vertwijfeld mompelde ‘Matthijs van Nieuwkerk…?’. ‘Nee joh’ was Matt’s antwoord en daarmee was de man inderdaad van tafel. Maar na nog een paar seconden daalde het bij ons beiden in, herkenden we dat bij de ander, moesten we snel op de naam bij het gezicht komen om het als eerste uit te brullen aangezien er blijkbaar stilletjes een overwinningselement ingeslopen was, en gebeurde dit: A@%Her*^nne{[sch//chie#*man}\\#%uizen!!!!

Dat was geen gevloek, maar een uitdrukking van onverstaanbaarheid omdat we elkaar heel hard overschreeuwden. En wat bleek, tot onze stomme verbazing: Matt had Annechien Steenhuizen gekozen, en ik Herman van der Zandt, alias Herman de Schermman. Beiden presentatoren van het NOS Journaal. We moesten even in laten dalen, en bedenken of het treurig was, dat de enige aantrekkelijke mensen die wij met naam en toenaam kennen en het waard achten om kostbare koffietijd aan te besteden, nieuwslezers zijn. Wat dat zegt over ons? Geen idee. In ieder geval hoop ik maar dat Herman koffie drinkt want als hij onderstaand ontbijt voor z’n neus krijgt, zit ik daar natuurlijk weer een half uur de Voedselzandloper te verdedigen. Zonde.

Recept voor een stevig ontbijt van quinoa, noten, zaden, en fruit.

Ik geef toe, dit gaat ver. Maar ik ben zo vreselijk gewend geraakt aan quinoa, en brood zo ontwend, dat ik heb bedacht dat ik de dag er prima mee kan beginnen als ik er een pap-/ontbijtachtige draai aan geef. Kris Verburgh schrijft dan wel havermout voor, but that just didn’t tickle my fancy.

1 mok quinoa

1 ¾ mokken koud water of amandelmelk of sojamelk

1 handvol witte amandelen, grof gehakt

1 handvol gepelde walnoten

1 handvol gepelde zonnebloempitten

1 handvol dadels, gehakt

3 eetlepels geraspte, ongezoete kokos

Verwarm de oven voor op 200 graden. Spoel de quinoa goed af, doe in een pannetje met het water of de melk, en breng aan de kook. Laat zachtjes met deksel op de pan pruttelen tot al het vocht is opgenomen, ongeveer 8 tot 10 minuten, zet het vuur uit, en laat nog 10 minuten staan. Nu heb je wel mooi quinoa voor een paar dagen. Doe de amandelen in een bakblik en schuif in de oven. Wacht 5 minuten, en strooi de walnoten en de zonnebloempitten bij de amandelen. Na 3 minuten omschudden, en blijven opletten of de boel niet te donker wordt. Voeg dan de kokos toe, en rooster nog een minuut of 2 tot ook de kokos mooi goudbruin is.

Haal het mengsel uit de oven en laat even afkoelen. Roer de quinoa los met een vork. Schep een paar flinke eetlepels in een kom, bestrooi met een paar lepels van de notenmix en de dadels. Eventueel roer je er nog een kopje (warme) amandelmelk door. Bewaar de rest van de noten in iets luchtdichts. Varieer morgen met banaan, rozijnen en kaneel, overmorgen met bosbessen en gedroogde abrikoos, en over-overmorgen met stukjes mango en cacaonibs. Eet dan weer een paar dagen gebakken eieren met spek.

Hij bakt, zij bakt

bloemkool-spruitensalade

Gisteravond keek ik naar vier vrouwen op de Brit die bakte en glazuurde en tempereerde of hun leven er vanaf hing. Uiteraard overdrijf ik; de laatste deelnemer aan de Great British Bake Off wiens leven er echt van af leek te hangen was een gezette rossige man die weende toen hij een paar weken geleden naar huis werd gestuurd.  Grow a pair. It’s cake, for chrissakes.

Toen er gister twee vrouwmensen moesten huilen, was ik minder streng. Van de één begreep ik de pure frustratie omdat het natuurlijk die ander had moeten zijn die eruit vloog, van die ander dacht ik ‘hèhè, eindelijk wakker geschud’. Meisje beweegt zich sowieso een beetje als schildpad aan de Ritalin.

Bijzonder ongeëmancipeerd van mij, niet? Van mannnen die huilen op televisie krijg ik jeuk, en doemen CDA congresbeelden op. Ben ik dan net zo rolbevestigend als die speelgoedwinkel waar we het niet meer over zouden hebben? Is het helemaal verkeerd met mij gegaan toen ik roze speelgoed kreeg? Eerlijkheid gebied te zeggen dat ik nooit speelgoedschoonmaakspullen heb gekregen. Ik moet er niet aan denken zeg. Ik strijk ook nog steeds niet, en met poetsen heb ik het probleem dat ik nooit weet wat ik dan met de poetsdoekjes en sponsjes moet doen. Dat is toch vies? Weggooien dan maar? Elke week een kookwas draaien? Ik heb ook nog een groen hart. Dus ik laat maar in het midden hoe ik het regel, en als er nog mannen met tips zijn – ik hoor graag van u .

Ik was gisteravond goed voorbereid en hing op de bank met deze koekjes, want ik word tijdens Great British Bake Off meestal overvallen door de verschrikkelijke behoefte om m’n gezicht in een bak glanzend suikerglazuur onder te dompelen en woest te spartelen. Niet dat er glazuur op de koekjes zit, of zich anderszins in mijn keuken bevindt, maar het was een passender zoethouder dan het restje van mijn lunch, onderstaand.

Recept voor lauwwarme salade van bloemkool en spruitjes.

¼ bloemkool, in roosjes, gewassen

grote handvol spruitjes, geschoond

2 eetlepels witte bonen, gaar. Ik ‘werk’ tegenwoordig met gedroogde peulvruchten. Niet makkelijker, wel gezonder, want hoeveelheid zout zelf te bepalen.

1 tomaat

dressing:

snuf cayennepeper,

beetje zout,

1 theelepel gemalen komijn,

1 eetlepel goede olijfolie,

paar druppels citroensap

Stoom de bloemkool en spruiten in ongeveer 5  minuten beetgaar.  Maak de dressing. Meng met de groenten, bonen, en tomaat. Denk aan taart en koekjes.

Huisje boompje muisje

gegrilde groentensalade

We zijn heel voorzichtig aan het kijken naar de eventuele mogelijkheid om langzaamaan eens te verhuizen. Nou, u hoort wel hoe goed wij beslissingen kunnen nemen. Toch is dat niet raar nu we voor keuzes in het leven komen te staan die jammerlijk verlost zijn van enkel de Iks-factor (Matt is één Ik en ik ben één Ik), maar ook bepalend zullen blijken voor het dagelijks leven van ons gebroed.

Ik ben drieëntwintig keer verhuisd in mijn leven dus zo’n punt zou het niet moeten zijn. De laatste tien keer was binnen Amsterdam (een kunstzinnige onderduik van vier jaar in Arnhem daargelaten), en de enige keer dat ik me in een woninghiaat bevond mocht ik die twee maanden bij mijn beste vriend logeren. Mijn moeder zei laatst dat ze dat destijds zielig voor me vond. Zielig? Het was er fantastisch! Midden in de Jordaan, recht tegenover mijn eigen oude huis, en ik was hem oneindig dankbaar. Ik sliep weliswaar in een bezemhok maar dat had mooi wel een gordijn, en de enige keer dat ik mezelf een beetje zielig vond was de nacht dat er in m’n slaap een muis aan mijn oor snuffelde. Ik weet nog dat ik bedacht heel hard te gaan gillen om hem weg te jagen, mijn mond open deed, en vervolgens het volume produceerde dat je van, nou, een míer zou verwachten. Stembanden verlamd van angst. Niet tof. Na wat slaapdronken rondmeppen was ie verdwenen, en ging ik naar boven om dit te maken.

Nee hoor! Ik ging gewoon verder slapen. Ik had alleen geen bruggetje naar dit ‘einde van de zomer, zeg maar dag met je handje’ recept.

Recept voor salade met gegrilde groenten en geitenkaas.

2 stronkjes witlof, in de lengte doormidden gesneden

2 ons sperziebonen, puntjes eraf

1 courgette, in drieën en dan in dikke plakken gesneden

1 blikje lima-/reuzenbonen, afgespoeld en uitgelekt

3 vastkokende aardappels, geschild en in gelijke stukken

ca. 120 gram geitenkaas of feta

1/2 groentenbouillonblokje

Olijfolie, zout, peper, sumak

Kook de aardappels gaar in een grote pan, in water tot ze net onder staan en het bouillonblokje, en stoom de sperziebonen daarboven beetgaar. Meng intussen in een diep bord de olie met zout, peper, en sumak en wentel daar de witlof en courgette in. Verhit een grillpan tot ie loeiheet is, vis de groenten uit de olie, en grill ze tot ze mooie streepjes hebben en beetgaar zijn. Verbrokkel met een vork de geitenkaas in het restant olie. Meng alles met de limabonen in een grote schaal. Ik gebruik nu drie keer per week sumak in de keuken, want ik weiger twee jaar met zo’n zakje in de kruidenla te blijven zitten…

Spelen maar

geroosterde spruiten

Afgelopen weekend bezocht ik een voorstelling geregisseerd door een klasgenoot. We zaten op een acteursopleiding maar hij was goed in alles – schrijven, regisseren, spelen, en daarom was hij de baas in de klas. Dat zal de rest van die tienkoppige klas misschien niet direct beamen, maar aangezien hij nu een vaste aanstelling heeft als regisseur bij één van de grote gezelschappen van het land, kunnen we wel zeggen dat de baas zijn er altijd al in heeft gezeten. Volgend jaar wordt hij, nu officieel, tijdelijk weer mijn baas.

De vraag die mensen, alvast dubbelklappend van de lach, het allerleukst vinden om te stellen over de audities voor een toneelschool: “Heb je een gebakken ei na moeten doen?”

Ja, ik heb een gebakken ei nagedaan. Of een dooie mus, of een warme baksteen, ik weet het niet meer precies en het doet er ook niet toe. Want nu ga ik iets doen wat meestal verzandt in wollig gelul en  vage kronkelingen: ik ga proberen er iets over te zeggen. Praten over toneelspelen leidt zelden tot inzichtelijkheid en acteurs die hun mond opentrekken over hun methodiek klinken vaak als halve garen. Maar het komt naar mijn idee (zie, daar ga ik al) neer op het vermogen je in te beelden dat je àlles kan zijn. Een ei, een koning, een dertienjarige puber op een balkon die wordt toegesproken door haar onmogelijke liefde. Het is Spelen met een grote S. Het is wat kinderen doen. Alleen; kinderen kan je niet vragen lappen tekst uit hun hoofd te leren  en tot diep in de nacht in een theatercafé te zitten slempen, dus daarom sturen we elk jaar een paar geschikte volwassenen naar zo’n opleiding. Die daar dan dat vermogen tot inbeelding tot, of terug naar, het uiterste verfijnen, en daar hun stem en fysiek (komt ie; hun instrument) trainen om die inbeelding het best te vertolken.

En hier de uitsmijter: Je doet dus geen ei na. Je BENT dat ei.

 

Recept voor geroosterde spruitjes!

ca. 500 gram spruiten

2 eetlepels olijfolie

2 tenen knoflook

1 dessertlepel ras-el-hanout

handvol blanke amandelen, gehakt

bakblik, keukenmachine

Verwarm de oven voor op 200 graden. Snij de onderkantjes van de spruiten. Zet de dunne snijschijf in de keukenmachine en prop alle spruiten in delen er doorheen. Doe ze in een bakblik, en roer er de olie, de kruiden, en de uitgeperste knoflook doorheen. Rooster in de oven tot de randjes mooi bruin zijn en de spruiten gaar. Dit gaat sneller dan bij grove groenten omdat de spruiten ragfijn gesneden zijn, dus na tien minuten moet je ze in de gaten blijven houden. Rooster de amandelen intussen al omschuddend in een droge koekenpan op middelhoog vuur tot deze ook goudbruin zijn. Strooi over die schitterende spruiten. Of de kinderen dit gegeten hebben? Nee.