Praatje ander Plaatje

Ook deze column verschijnt binnenkort op die eerder genoemde site; een nieuw schrijverscollectief. Alleen met de foto’s zit ik nog wat te klooien. Betekenend: ik heb geen scherpe foto van het resultaat. Dus ik beloof de kakicake nog een keer te maken en er dan een Delavie waardige foto van te schieten voordat de koek, de cake, het brood op is. Tot die tijd een foto van een… ehm, tja, wat vinden jullie leuk? Zullen we een tip doen voor een kindertraktatie die door de gezondheidskeuring van school komt? En die verder NIETS TE MAKEN HEEFT met mijn verhaal ònder de foto? Want ik run hier geen tent met kindertraktatietips ofzo.

IMG_8306

Nou, die spreekt voor zich. Waar waren we gebleven?

Ik prijs mezelf dolgelukkig omringd door vrienden die in ongeveer alle vloeistof naast de liters water die ik tot mij neem, voorzienend zijn. Dat zijn wijn en koffie en thee. Ik zou niet weten wat ik verder nog moet drinken. Ik heb van 1993 tot 1998 een oceaan aan bier gedronken zodat ik een leven lang vooruit kan, en  met de jaren is het schrandere zelfinzicht gekomen dat sterke drank iemand in me losmaakt die doet denken aan een depressieve hyena met braakneigingen. En dat ik daar niet heen moet willen.

Dus! De twee vrouwen die mede hebben verklaard dat ze het een goed idee vonden dat ik met Matt trouwde, mijn illustere getuigen, vertegenwoordigen meer of minder toevallig de (niet economische) liquide componenten in mijn leven. Evelijn heeft samen met Huib wijnbedrijf Vindict, met een kek kies-systeem en o.a. een scala aan Duitse en Oostenrijkse wijnen die ik dus retelekker blijk te vinden. Talitha heeft sinds kort April.Tea, partner van (sinds lang) Bocca Coffee en ik zit hier schaamteloos reclame te maken want het is allemaal effing goed spul.

Vindict zelf heeft ontzettend goeie wijn-spijs tips, gebundeld in het boekje Smaakstof alsook op hun site te vinden. Voor April.Tea heb ik laatst een cake/‘bread’ gemaakt met kakifruit, ofwel sharonfruit, ofwel persimmon in het Engels, want voor je vrienden doe je alles. Talitha wist me te vertellen dat het goed samen gaat met haar herfst Oolong dus ik ging aan de slag. Dat ging zo: ik liep tegen een doosje kakifruit aan in de supermarkt. Ik kocht het. 5 weken later waren er 4 van de 7 rijp genoeg om iets mee te kunnen. In die 5 weken had ik genoeg tijd gehad om ‘persimmon’ een beetje te zitten Googlen, en had ik van David Lebovitz geleerd dat een onrijpe kaki een vieze kaki is. Omdat David in mijn ogen niets fout kan doen, heb ik me bijna geheel gehouden aan het James Beard recept op zijn site.

Wel heb ik de hoeveelheden gehalveerd want Lebovitz’ recept  is voor 2 cakes en ik had me mentaal ingesteld op 1. Waardoor ik achteraf met nul cake zat omdat ik die ene cake aan Talitha had gegeven (min een paar proefplakken, wat ook raar was). Mooi stom.
Verder ging ik natuurlijk proberen die April.Oolong erìn te verwerken, en dat is aardig gelukt. Het wellen van de gedroogde cranberry’s, dadels en rozijnen heb ik in sterke thee gedaan, en de cognac heb ik vervangen door, jawel, thee. Ging prima.

Conclusie: voor 2 cakes met drank ga je naar David Lebovitz, voor 1 zonder volg je onderstaand recept.

Ik gebruik cups en spoons. Die heb ik aangeschaft omdat ik van Amerika hou, en verder omdat het wel zo handig is bij het maken van veel Engelstalige receptuur. Behalve boter, wie heeft er nou zin om boter in zo’n cup te proppen en weer eruit te poeren. Boter weeg je gewoon. Let op dat je de teaspoons en tablespoons niet door elkaar haalt!

1 en 3/4 cup gezeefde bloem plus extra voor het blik

3/4 teaspoon zout

1 teaspoon baking soda (natriumbicarbonaat)

1/2 teaspoon gemalen nootmuskaat

1 cup fijne suiker

113 gram boter, eerst gesmolten, dan op kamertemperatuur plus extra voor het blik

2 eieren, niet uit de ijskast, licht geklopt

1/3 cup sterke thee (April., bijvoorbeeld!)
1 cup kaki puree (uit ongeveer 4 zeer rijpe gehalveerde vruchten gelepeld en geprakt)

1 cup walnoten of pecannoten, geroosterd en gehakt (let op, die verbranden snel)

1 cup gemengde gedroogde cranberry’s, rozijnen en stukjes dadel die je een half uur in een beetje sterke thee hebt geweld

Beboter 1 cakevorm/blik van 24 cm. Bestrooi met bloem en schud eruit wat er nog uit komt. Verwarm de oven tot 180 graden. Zeef de eerste 5 ingrediënten bij elkaar in een grote mengkom. Maak een kuil in het midden. Doe daarin de boter, de eieren, de thee en de kaki puree en meng goed met een garde of een mixer op lage stand. Schep de noten en rozijnen door het mengsel. Giet in de cakevorm en bak 60 minuten of totdat een satéprikker die je in het midden steekt er ‘schoon’ uit komt. Laat 5 minuten in de vorm en daarna geheel afkoelen op een rooster.

An American in Paris

sinaasappelcake

Omdat we altijd in malle verre landen woonden gingen wij nooit eens normaal in Europa op vakantie, op één keer na. Toen ik negen was en onze tijd in Gambia er op zat, vlogen we terug naar Nederland met een absurde omweg over Athene. Daar wilde mijn vader een oude professor gedag zeggen bij wie hij ooit stage had gelopen, en dit leek hem wel een geschikt routeplan. Eindeloos nostalgisch gemijmer viel mijn moeder en mij ten deel, over z’n leuke studievriendinnetje, over hoe graag hij een zoon had gehad en hem dan Ari had genoemd, ja, kort voor Aristoteles, over hoe goed hij Ouzo kon drinken, over lamsvlees, en dan schreeuwden wij dat hij nu moest ophouden en dan gingen we weer wat moois bekijken. Ik was betoverd door de Akropolis, kreeg niet genoeg van mythologie, en wilde elke avond wel naar een voorstelling in het openluchttheater.

Dat laatste is je reinste onzin, want een kind van negen kàn helemaal niet drie uur op een stenen bank naar iets onbegrijpelijks in de verte turen, en een uiltje knappen lukte ook al niet.

Mijn volgende Europese vakantie liet acht jaar op zich wachten. Toen mocht ik met vrienden die auto’s hadden een paar weken mee naar Spaanse campings. Mijn ouders moeten geen idee gehad hebben wat zich daar allemaal afspeelt, en ook ik vond het werkelijk een buitengewoon fenomeen.

Toen werd ik achttien en kwam het allemaal goed, want sindsdien ga ik gewoon elk jaar naar Parijs. Niet lang, niet echt op vakantie, maar een paar dagen per jaar zijn genoeg om me er zowel thuis te doen voelen als ongeveer achttien uitzonderlijk leuke herinneringen te creëren. Één daarvan:

We zijn negentien, twintig, we studeren in Amsterdam, we hebben een ouderwetse sleepover in het Haarlemse huis van ouders die op vakantie zijn, er staat een auto voor de deur. Het is vroeg in de avond, iemand zegt ‘kom, we gaan met z’n allen met de auto sigaretten halen’, we rijden de straat uit, iemand zegt ‘kom, we rijden door naar Parijs’, de sleepover verplaatst zich naar een Formule1 hotel net buiten de périphérique en om acht uur ’s ochtends zitten we aan een croissant in de zon in het 3e. Iemand is natuurlijk de pil vergeten maar daar doen ze bij la pharmacie niet moeilijk over, niks recept, u ook nog een doosje? En dan lopen, lopen, en op zoek naar de beste canard a l’orange.

Die canard maak ik vandaag niet. Want ik ging huisvrouwtruttenbakken op iets wat liefje morgen mee kan nemen naar z’n werk, om op z’n verjaardag te delen met alle andere stoere mannen daar. Ze zien hem aankomen…

Recept voor cake a l’orange.

Ik zeg erbij dat ik voor mezelf biologische sinaasappels had genomen vanwege veel rasp, maar die gasten zal het bommen natuurlijk. Ik heb een zeer standaard cakerecept, misschien wel het enige dat ik uit m’n hoofd ken, vol sinaasappel- en aanverwanten (likeur) gepropt, en TOEN ben ik er heel Amerikaans frosting bovenop gaan smeren. Dat u begrijpt dat ik niet zomaar wat uit m’n duim zuig als ik mijn post AN AMERICAN IN PARIS noem.

Voor de cake

2 sinaasappels, schoongeboend onder de kraan

200 gram gezeefd zelfrijzend bakmeel

200 gram fijne kristalsuiker

170 gram zachte ongezouten boter

4 eieren

2 volle eetlepels crème fraîche

2 eetlepels Grand Marnier of andere sinaasappellikeur

1 eetlepel poedersuiker

snuf zout

ingevette en met bloem bestoven cakevorm

Voor de frosting

50 gram zachte  ongezouten boter

50 gram Mon Chou of Philadelphia

50 gram poedersuiker

1 eetlepel Grand Marnier

restant sinaasappelrasp (komt straks)

Verwarm de oven voor op 160 graden Celsius. Rasp de schil van de sinaasappels. Hou een kwart van de rasp (niet het ding, maar de geraspte schil) apart, de rest doe je in een kom met de suiker. Neem nu even twee minuten om met je vingers de rasp en de suiker door elkaar te wrijven, tot de suiker geurig is. Meng dan, met een mixer, in ong.10 minuten de suiker met de boter en het zout tot een luchtig mengsel.

Meng één voor één de eieren erdoor. Dit is een hele goeie stap voor mij want nu stop ik met mijn vingers in de kom te steken en ze af te likken. Na elk ei wachten tot ie helemaal opgenomen is. Crème fraîche en likeur erin, nog een paar seconden mixen, en dan de mixer eruit. Spatel voorzichtig het gezeefde bakmeel erdoor. Giet in de cakevorm en zet in het midden van de oven.

Mijn cake deed er vandaag een uur over, maar check na 40 minuten of de binnenkant gaar is door er een mes of satéprikker in te steken (er moet niets aan blijven kleven), en leg er dan eventueel losjes aluminiumfolie overheen als de bovenkant te snel bruin wordt. Laat de cake afkoelen op een rooster. Meng het sap van één van de sinaasappels met de eetlepel poedersuiker. Leg een diep bord onder het rooster, prik wat gaatjes in de cake, en laat het sap er scheut voor scheut in lopen.

Maak de frosting door de boter en de Mon Chou in een paar minuten luchtig te mixen, en er dan voorzichtig de poedersuiker en de laatste sinaasappelrasp doorheen te mengen. Die poedersuiker kun je beter in eerste instantie niet met de mixer, maar met een spatel erdoor roeren voordat je de mixer weer aanzet. Paar minuutjes. Smeren maar. Lekker dik over die scheuren heen.